|     home    |     search     |     content     |     mail     |     login     |

table information

     

tablecode191
nametblSTDIMMUN
physical fileh_data h_data  (SQL Server 2005)
descriptionStandaard Immunologie gegevens
Geen ref. integriteit omdat er veel uitslagen zijn zonder bezoekdatum of met licht verschillende bezoekdatum.
comment short
comment longIn de STDIMMUN records worden gegevens over Standaard Immunologie opgesla-gen.

Deze gegevens kunnen alleen worden opgeslagen als er een bijbehorend bezoek record aanwezig is.

In de loop der tijd zijn er voor bepaling van de T cel subsets en de lymfocyten stimulatietest een aantal zaken gewijzigd.

Bepalingen van de T cel subsets:

Oorspronkelijk werden de absolute aantallen lymfocyten CD2, CD3, CD4, en CD8 genoteerd in 10e8 per liter. Per 1 februari 1989 wordt deze variabele met één extra decimale waarde aangeleverd en staan ze genoteerd in 10e7 per liter. De gegevens van voor 1 februari 1989 zijn opnieuw met terugwerkende kracht met deze extra decimaal ingevoerd.

Aanvankelijk werden de T-cel bepalingen gedaan in gesepareerde cellen (Ficoll). Vanaf 1 januari 1994 gebeurt dit in volbloed (Ortho). Dit heeft een aantal gevolgen.
-De CD2 bepaling vervalt.
-De CD4 waarde blijft onveranderd.
-De CD8 waarde kan iets hoger zijn.
-De CD4CD8 ratio dus iets lager.

Lymfocyten stimulatietest.

In de loop der tijd zijn deze testen gevoeliger geworden. Om een vergelij-king in de tijd te maken is het noodzakelijk om de longitudinale waarden (achtervoegsel L) te gebruiken. Deze zijn berekend door de ruwe waarden te vermenig-vuldigen met een correctiefactor.
Daarnaast zijn er percentages van bepalingen ten opzichte van de mediane dagcontrole van gezonde controles geregistreerd (achtervoegsel CNT). Dit heeft als voornaamste doel om de variatie in uitslagen van stimulatietest te verkleinen.

Tot 1-1-1994 vond de PHA bepaling plaats in menselijk serum. Deze waarden worden geregistreerd in de variabelen PHAC (briefwaarde), PHA (ruwe waarde), PHACF (correctiefactor), PHAL (longitudinale waarde) en PHACNT
(% dagcontrole).
Na 1-1-1994 wordt deze test hoofdzake-lijk serumvrij (SV) gekweekt. Deze waarden worden geregistreerd in de variabelen PHASVC (briefwaarde), PHASV (ruwe waarde), PHASVCF (correctiefactor),PHASVL (longitudi-nale waarde) en PHACNT (% dagcontrole). Deze waarden zijn onderling niet vergelijkbaar.

De ALS stimulatietest is in 1-1-1994 vervangen door de CD2+CD28 stimulatietest uitslag. Deze waarden zijn onderling niet vergelijkbaar.

De status variabelen zijn niet structureel opgenomen in de database. Deze kunnen op verzoek worden aangeleverd.

Sinds einde 1992 wordt er standaard een syncytium bepaling uitgevoerd.
Bepalingen van voor die tijd zijn incidenteel gedaan.

Er is maximaal één stdimmun record per bezoek record.
number of records22787
startdate22-okt-1984
stopdate9-feb-1999
resp. centreGGD
record14-jul-2017 15:33
ID fieldCohortID


This screen displays information about a table.
  • click on "fields" to view information about the fields of this table
  • click on "studies" to view a list of studies that used this table
  • click on "SPSS labels" to generate an SPSS syntax file with field and variable labels
  • click on "code books" to view a list of codebooks that reference this table
  • click on "ID's" to view more information about the ID's in this table (only available with sufficient rights)
  • faq